dinsdag 30 augustus 2011

Een generatiekloof

     A: Weet ge wat alles om ons heen zo mooi maakt? Hoe uit een of enkele simpele oerprincipes een geweldig complex en goed functionerend geheel kan voortvloeien. Denk aan brood, dat van vier ingrediënten een meesterwerk van smaak maakt of aan het heelal, dat uit enkele krachten en een handvol elementaire deeltjes een hele wereld sticht. Zo is er ook het leven, dat enkel door de wil van genen om te blijven voortbestaan een geweldig arsenaal aan levensvormen klaarspeelt. Een genetische code wil blijven bestaan en vormt capsules rond zicht die we dan cellen, planten of dieren noemen. Enkel de capsules die het best zijn aangepast, overleven en muteren tot betere capsules. Zo is ook de mens niet meer dan een geavanceerde capsule van eigen energieverdeling, skelet, zenuwstelsel en een sterk ontwikkelend brein. Een brein dat een hele cultuur...
     B: Wow, wacht eens even, ma. Gij zegt dat mensen niet meer dan capsules zijn?
     A: Het is deprimerend om te horen, maar het is de harde waarheid: we zijn niet meer dan een tijdelijke soort in de evolutie, een onderdaan van onze genen.
     B: Laat uw genen u maar regelen, dan regel ik mijzelf wel. Ge moogt vertellen wat ge wilt, maar ik vind het belachelijk als ge zegt dat mensen niets meer zijn dan een stel beesten. Uw eigen dochter is voor u dus evenveel waard als een mier?
     A: Ah neen, want gij draagt 1/2 van mijn genen en zijt mij dus evolutionair meer genegen dan...
     B: Dus ge ziet mij alleen maar graag omdat ik de helft van uw genen heb?!
     A: Maar neen. Evolutie heeft ervoor gezorgd dat ik u graag zou zien zodat onze genen zouden overleven. Daarom ken ik het gevoel van liefde voor u.
     C: Nu gaat ge toch ietske te ver met uwe wetenschap, oma. Zoiets zegt ge niet tegen mama. Het is uw bloedeigen dochter! Ge ziet haar graag omdat Jezus ons geleerd heeft familie lief te hebben. God schiep een liefdedragende mens.
     A: Ach meisje, toen ik ook nog achttien was, geloofde ik misschien nog in God en Jezus. Dat verzinsel dat de angstige mens antwoorden op hun levensvragen heeft gegeven is ondertussen door hedendaagse kennis voorbijgestreefd.
     B: Ma, geloof in wat ge wilt, maar zeg zoiets niet waar mijn dochter bij is.
     C: Ach God, vergeef mijn oma. Ze bedoelt het allemaal niet zo.
     A: Doe de groeten aan Hem, kind, en zeg dat ik die mensencapsules werkelijk zijn beste uitvinding vond!


Geen opmerkingen:

Een reactie posten